Wout Van Aert: ‘Deze truuk van Wellens gaat maar één keer lukken’
CARCASSONNE – Na drie slopende dagen in de Pyreneeën was het aan het einde van de tweede week van de Tour de beurt aan de durvers om te schitteren. Tim Wellens , normaal gesproken belast met het beschermen van Tadej Pogacar, maakte optimaal gebruik van deze kans om deel te nemen aan een festival van aanvallen, terwijl zijn kopman veilig door het peloton navigeerde.
Meer dan 30 renners wisten weg te rijden op weg naar Carcassonne. Wellens liet ze allemaal achter zich met nog 43,5 kilometer te gaan en claimde zijn eerste overwinning in de Tour de France. Hij was al winnaar in La Vuelta en de Giro en wordt nu de 113de renner met ritzeges in alle drie de Grote Rondes, een paar maanden nadat Wout van Aert de 112de was.
Wellens volgt ook Van Aert op als Belgisch nationaal kampioen met een overwinning in de Tour (Van Aert had dit gedaan in 2021). Achter hem maakten Victor Campenaerts en Julian Alaphilippe de top drie van de uitslag compleet. Van Aert werd vierde. Het peloton kwam over de streep met een achterstand van 6’07”. Daarin zat onder meer Van der Poel, die 62ste werd en in het klassement als 41ste volgt op 1u39’39”.
Voor de 34-jarige Wellens is het zijn eerste Tourritzege, zijn 41ste profoverwinning in totaal. Eerder in zijn carrière won de Limburger telkens twee ritten in de Giro en de Vuelta. Eind juni kroonde de viervoudige winnaar van de Renewi Tour zich in Binche voor het eerst tot Belgisch kampioen op de weg. Na Jasper Philipsen, tweemaal Tim Merlier en Remco Evenepoel is het ook de vijfde Belgische ritoverwinning in deze Tour.
De laatste rit van de tweede Tourweek begon met veel hectiek. Kort na de start kwam er een grote valpartij. Tweevoudig wereldkampioen Alaphilippe leek het zwaarst geraakt, maar ook Florian Lipowitz was betrokken, het nummer drie in het klassement. Door de valpartij ontstonden er breukjes in het peloton. Tweevoudig eindwinnaar Jonas Vingegaard was één van de renners die op een gaatje kwam te zitten.
Terwijl Vingegaard en Lipowitz zich een weg terugvochten naar het peloton, ontstond een kopgroep van vijftien renners. Daarbij zaten naast Mathieu van der Poel ook vier Belgen: Van Aert, Campenaerts, De Lie en Wellens. Van der Poel was naar eigen zeggen nog niet hersteld van een verkoudheid, maar kwam toch als eerste voorbij aan de tussenspurt. Wellens kon zich in de beginfase sparen, als ploegmaat van gele trui Pogacar.
Achter de rug van de vijftien vluchters ging het zo snel dat het peloton in waaiers uit elkaar spatte. Vooral INEOS Grenadiers wilde de vluchters niet laten gaan. De kloof bleef beperkt, waardoor op een klimmetje van derde categorie de situatie kantelde. Een ruime groep met daarbij onder meer Jasper Stuyven, Thibau Nys en Xandro Meurisse sloot aan bij de vlucht, waarna acht renners wegreden om een nieuwe kopgroep te vormen. Daarbij zaten Wellens en Campenaerts.
De koers viel geen moment stil. Het sleutelpunt in de finale was de steile beklimming van tweede categorie van de Pas du Sant. Daar spatte de kopgroep opnieuw uit elkaar. Wellens zat steeds voorin en legde uiteindelijk zelf de koers in een beslissende plooi. Tijdens de uitloper van de Pas du Sant, 43 kilometer voor de finish, reed een indrukwekkend sterke Wellens de kopgroep aan flarden en zette hij solo door. In tien kilometer tijd reed hij een minuut weg van zijn eerste achtervolgers, later werden dat bijna twee minuten.
In de achtergrond smolten in de slotkilometers nog verschillende achtervolgende groepen samen. Met een late uitval stelde Campenaerts de tweede plaats veilig, in de sprint voor de ereplaatsen werd Van Aert vierde, Stuyven zevende en Nys twaalfde.
Laat ons voor één keertje ook Victor Campenaerts aan het woord laten. Hij is geen Antwerpenaar meer maar in de Mombassa zullen ze zijn reactie graag lezen. ‘We wilden graag in de vlucht zitten. Het was een goeie situatie, maar anno 2025 begint de finale van een koers op 100 kilometer van de finish. In een etappe van 170 kilometer zoals vandaag moet je dan koersen om weg te raken, tot vijf tellen en dan begint de finale.’
‘Tim Wellens speelde het ongelofelijk slim. Hij deed geen kopbeurten, want dat mocht niet. Maar Tim was ongelofelijk sterk en miste geen enkele beslissing. Hij viel aan van achteruit, net op het moment dat de volgwagen zei dat we moesten opletten voor het hoogste punt van dit parcours.’
‘Tim moet fenomenaal sterk gereden hebben. Na vijf minuten voelden we al: we zien hem niet meer terug. Wij hoopten dat Wout sneller zou terugkeren. Dat gebeurde niet en hij kwam erbij op vijf kilometer van de finish. In het oortje zei hij dat ik voor de tweede plaats moest gaan. Dat was het hoogste haalbare.’
Wout Van Aert eindigde als vierde. ‘Ik denk dat Tim Wellens sterk was, maar vooral sluwer. Hij nam niet over. Ik weet niet hoe hij in de groep van Victor reed, maar daarvoor heeft hij niet op kop gereden.’
‘Dat is koers en tactiek, door te zeggen dat Tadej Pogačar achter hem is. Dat werkt vandaag, maar ik denk dat het maar één keer werkt. Ik ben teleurgesteld, maar ik kan mezelf niets verwijten. Ik heb mezelf kapot gereden en die voor mij waren allicht minstens even sterk, dus chapeau.’ In de klassering staat de Herentalsenaar 65ste op 2u01’58”.
Lennert Van Eetvelt is niet meer van start gegaan. De Vlaams-Brabantse klimmer ondervindt nog te veel hinder van zijn valpartij van twee weken geleden in de tweede Tourrit en op het BK in Binche.
De 24-jarige Van Eetvelt liep bij zijn crashes geen breuken op, maar keerde nooit meer terug op niveau. Hij vocht zich een weg door deze Tour en stond ondanks zijn klassementsambities voor de start pas 146ste in de stand, met al meer dan drie uur achterstand.
De lijdensweg wordt nu dus stopgezet. ‘De fysieke tol bleek te hoog om zijn weg nog verder te zetten’, zegt men bij Lotto. Lennert zal zich nu volledig op zijn herstel focussen en de nodige tijd nemen om zich voor te bereiden op zijn volgende doelstellingen.’
Van Eetvelt is al de vijfde Belgische opgever in deze Tour, na zijn ploegmaat Jasper De Buyst, Jasper Philipsen, Steff Cras en Remco Evenepoel.
Morgen krijgt het peloton voor de tweede keer in deze Tour een rustdag voorgeschoteld, dinsdag staat er alweer een bergrit op het programma. Vanaf de start in Montpellier krijgen de renners een vlakke aanloop van meer dan 150 kilometer richting de voet van de mythische Mont Ventoux, een col buiten categorie van 15,6 kilometer aan 8,7 procent gemiddeld. (EM / Foto’s ASO)






