Van der Poel wint – zoals verwacht – E3 voor derde maal op rij maar wat een ontknoping

HARELBEKE – Geen mens die eraan twijfelde dat Mathieu van der Poel zijn derde overwinning op rij zou behalen in de E3 Saxo Classic in Harelbeke. Net zoals de twee vorige jaren pakte de Nederlander uit met het betere solowerk.

De vorige malen trok hij op 47 en 38 kilometer van de meet in de aanval, nu op 43 kilometer. Probleemloos bouwde hij een voorsprong uit. Na de laatste helling van de dag, de Tiegemberg, leek MVDP klaar voor het betere tijdritwerk richting Harelbeke.

Maar zijn voorsprong smolt als sneeuw voor de zon. Per Strand Hagenes, Florian Vermeersch, Stan Dewulf en Jonas Abrahamsen hadden de Nederlandse prooi maar voor het grijpen, maar toen stokte het. Met nog minder dan 1 000 meter te rijden verzuimde Vermeersch het laatste gaatje te dichten. Ook Per Strand Hagenes hield de benen stil waardoor Van der Poel probleemloos toch naar de zege snelde. Ongezien maar uiteraard oververdiend.

 

Na 52 kilometer koers vormde zich, na een zeer onrustig begin, een kopgroep met Stan Dewulf, Michiel Lambrecht, Bastien Tronchon, Luke Durbridge, Sven Erik Byström en Nickolas Zukowsky.

Sean Flynn, Henri-François Renard Haquin en Vojtech Kminek probeerden de oversteek naar de kopgroep te maken en kregen op 89 kilometer van de finish versterking van Edward Planckaert, Edward Theuns, Timo Kielich, Connor Swift, Pepijn Reinderink, Anthony Turgis en Daan Hoole.

Op de Taaienberg telden de vroege vluchters 1’30” op de eerste achtervolgers waaruit Flynn, Haquin en Kminek waren verdwenen. In het peloton trokken Tim van Dijke en Mathieu van der Poel in de aanval en ze vonden snel aansluiting bij de achtervolgers. Op 64 kilometer van de eindmeet versnelde laatstgenoemde en hij kwam bij de kopgroep op 46 kilometer van de finish.

MVDP knalde op de Paterberg iedereen uit zijn wiel en begon alleen aan de resterende 42 kilometer. Stan Dewulf probeerde naar Van der Poel te rijden en kreeg op 28 kilometer van de streep versterking van Florian Vermeersch, Per Strand Hagenes en Jonas Abrahamsen.

Mathieu van der Poel begon na de Tiegemberg, de laatste helling van de dag, aan de laatste twintig kilometer met een voorgift van 35 seconden op de vier achtervolgers en een minuut op het peloton.

In de slotkilometers kreeg Van der Poel het bijzonder lastig, maar er werd dus onder de rode vod achter hem getwijfeld, waardoor de Nederlander het alsnog haalde.

Van der Poel: ‘Ik was stilletjes aan het sterven. Uiteindelijk was mijn voorsprong net groot genoeg om voldoende marge over te houden tot aan de finish. Ik bleef mijn wattage rijden en probeerde mijn inspanning tot het einde vol te houden. Maar op een goede kilometer voor de meet was alle energie op. Ik zette me neer maar ben blijven doorrijden. Het feit dat de vier, die achter me reden, begonnen te twijfelen, is mijn geluk geweest.’

‘IK WIST DAT NIEMAND MET MIJ ZOU MEESPRINGEN DUS BEN IK MAAR ALLEEN GEGAAN’

‘Het stuk tussen de Boigneberg en de Paterberg was lastig en heeft me veel energie gekost. En je weet dat – wanneer je aan een solo-actie begint -, er geen weg meer terug is. Het slot van deze wedstrijd deed me denken aan wat me enkele jaren geleden overkwam in de Tirreno. Alleen waren de weersomstandigheden toen helemaal anders.’

‘Je weet dat – wanneer deze renners achter je rijden – het moeilijk zal worden eens je opnieuw op de grote weg komt. Vergeet niet dat ik al heel wat inspanningen had geleverd. Ik wist dat het nipt zou worden dus ik deed wat nog mogelijk was en had niet teveel aandacht voor de kloof die ik nog had. Ik gaf me eigenlijk over toen bleek hoe dicht zij kwamen maar ik wist dat ik laatste van de vijf zou worden indien het tot een sprint zou komen.’

‘Ik zat immers aan mijn limiet. Ook zij dachten dat ik de handdoek zou gooien. Daarom heb ik het nog één keer geprobeerd. Ik reed zo snel ik kon naar de aankomststreep. Ik denk dat ze achter mij wat twijfelden en zo kon ik alsnog winnen.’

‘Ik heb niet al teveel last meer gehad van mijn handblessure. Het is vervelend maar de pijn is al een stuk draaglijker zodat ik er probleemloos mee kan rijden. Mijn inzinking op de Poggio kwam er meer omdat de benen niet meewilden dan door de problemen met mijn hand. Pogacar was toen heel sterk. Hij ging er als een bezetene vandoor.’

 

‘Van deze E3 Classic zal ik zowel mijn solo herinneren als de manier waarop ik het uiteindelijk afmaakte. Het is altijd ‘shit’ wanneer je zoveel energie steekt in een aanvalspoging en je dan op één kilometer van de streep wordt gegrepen. Daarom ben ik dubbel zo blij dat ik aan het eind kon zegevieren.’

‘Uiteraard was dit niet het scenario dat ik voorop had gesteld. Op de Taaienberg heb ik de kat uit de boom gekeken. Ik wou zien hoe de wedstrijd verliep. Ik wist dat niemand met mij zou willen samenwerken. Daarom heb ik op de Boigneberg de aanval ingezet in de hoop dat ik een tweetal renners mee zou krijgen, zoals een Tim Van Dijke bijvoorbeeld. Maar ik zat heel snel helemaal alleen.’

‘De mannen die nadien jacht op me maakten waren niet meteen onbekenden. Per Strand Hagenes heeft al een paar weken de goede vorm te pakken, net als Florian Vermeersch. Toen ik hoorde dat zij achter me reden wist ik dat het heel moeilijk zou worden. Ik hoopte dan ook dat ze naar elkaar zouden kijken. Het is immers normaal dat ook zij aan de zege begonnen te denken naarmate de finish naderde.’

‘Zondag zal het opnieuw moeilijk worden. Twee jaar geleden won ik hier ook. Twee dagen later miste ik frisheid. Ik hoop dat ik dit keer wat beter kan recupereren. Vraag het aan alle renners en iedereen zal zeggen dat de E3 een bijzonder zware wedstrijd is.’

‘De combinatie met Wevelgem is bijzonder moeilijk. Maar overmorgen is Jasper (Philipsen) er ook bij. Indien ik Wevelgem persé had willen winnen, had ik hier beter niet gestart maar we zullen wel zien hoe het loopt.’

Zondag staat inderdaad de volgende Wereldbekerwedstrijd op het programma. Met ‘In Flanders Fields’ From Middelkerke to Wevelgem is Gent-Wevelgem in een nieuw jasje gestoken voor zijn 88ste editie. Met Middelkerke als nieuwe startplaats werden vooral de eerste wedstrijdkilometers hertekend.

Aan het DNA van de koers, de passage in De Moeren, de beklimmingen van de Kemmelberg en de Plugstreets werd niet geraakt. De aankomstlijn blijft getrokken op de Vanackerestraat in Wevelgem waar na 240,8 kilometer de ontknoping volgt en we de opvolger kennen van Mads Pedersen.

Na 77 kilometer koers wacht de poldervlakte van De Moeren. Met de Scherpenberg staat na 135 kilometer de eerste helling op het programma. Daarna komen nog de Baneberg en de Monteberg aan de beurt voor men de Kemmelberg aandoet langs de kant Belvedère.

Via de drie Plugstreets wordt de Monteberg opnieuw beklommen net als de Kemmelberg (Belvedère), Scherpenberg, Baneberg en tot slot weer de Kemmelberg maar nu langs de kant Ossuaire. Vanaf dat punt wachten nog 35 vlakke kilometers tot in Wevelgem.

Wout van Aert kan na 2021 nummer twee op zijn conto schrijven, nadat hij in 2023 de zege liet aan zijn teamgenoot Christope Laporte, die zondag ook present tekent. Maar vergeet toch maar Mathieu van der Poel niet.

Edwin MARIËN

Foto’s EM & RV