Van der Poel na nieuwe demonstratie: ‘Ik ben zeker nog niet top. Vorig jaar was ik beter’
ZONHOVEN – In de sport, en zeker in het veldrijden, wint meestal de beste deelnemer uit het lot. Maar er zijn uitzonderingen. Waar die wet echter zeker wel telt is op het veldritparcours van Zonhoven, waar Mathieu van der Poel zich vanmiddag alweer uitleefde als een kleuter in een zandbak. De tegenstanders werden opnieuw gedegradeerd tot koorknapen en moesten kansloos afdruipen.
Zonhoven was de negende manche in de wereldbeker veldrijden. De 30-jarige Van der Poel behaalde, in de laatste veldrit van deze drukke nieuwjaarsperiode, voor 20 000 toeschouwers, zijn negende zege van deze winter in evenveel crossen. De Nederbelg zette van bij de start een solo op en haalde het afgescheiden voor zijn landgenoot Tibor Del Grosso. Emiel Verstrynge werd derde. Thibau Nys moest halfweg cross zijn podiumambities opbergen, toen hij na een tuimelval over de omheining belandde en daarbij zijn stuur brak.
Mathieu van der Poel trok na amper drie minuten op avontuur. De wereldkampioen vatte de tweede ronde al aan met een voorsprong van twaalf seconden op Toon Aerts. Emiel Verstrynge reed met Niels Vandeputte en Thibau Nys op zeventien seconden, Tibor del Grosso met Joris Nieuwenhuis op 25 seconden. In de derde ronde van acht vormden achter de eenzame vluchter een groepje met als deze namen met uitzondering van Nieuwenhuis.
Met nog vijf ronden te rijden had Van der Poel een voorgift van 45 seconden op het vijftal.
Na 25 minuten cross vond ook Michael Vanthourenhout aansluiting bij het groepje achter de wereldkampioen, die verder kon imponeren. Daaruit viel Nys, halfcross, letterlijk en figuurlijk weg.
Hij brak door zijn val ook zijn stuur. Del Grosso en Verstrynge versnelden en gingen knokken voor de laatste podiumplaatsen. In de zesde ronde maakte Verstrynge een foutje en kreeg de Nederlandse kampioen een voorgift. Verstrynge bleef druk zetten op Del Grosso, maar moest uiteindelijk tevreden zijn met de derde plaats. De zege was natuurlijk voor Van der Poel.
Hij is de nieuwe leider in het algemene klassement van de wereldbeker. Van der Poel neemt de koppositie over van Laurens Sweeck, die door een schouderblessure out is voor de rest van het seizoen.
Van der Poel: ‘Het ging goed vandaag. Ik nam nog eens een goede start en heb meteen beslist om de kop te pakken en mijn eigen ding te doen. Dat was ook wel aangeraden op dit parcours.’
‘Het is nu niet zo dat ik met dat idee aan de start kwam. Ik maak nooit echt een plan vooraf want als je je start mist kan je dat plan al niet meer uitvoeren. Door zo’n goede start te nemen heb ik het op deze manier kunnen doen.’
‘Wanneer je niet als eerste in de kuil duikt is de wedstrijd nog niet echt verloren. Maar het is toch aangenamer om op kop te rijden zodat je de risico’s die anderen nemen uit de weg kan gaan. Dan kan je gewoon je eigen ding doen. Als ik dat, zoals vandaag, van in het begin kan doen, rij ik mijn beste crossen.’
‘IK ZAL BLIJ ZIJN DAT IK EVEN ZAL KUNNEN TRAINEN ZONDER DIE DRUKTE OM ME HEEN’
‘Het parcours was leuk. Met de zon en de sneeuw zullen het wel mooie beelden zijn geweest. Ik heb er zelf ook wel van genoten om hier rond te rijden vandaag.’
‘Ik had meteen een goed ritme te pakken tot ik een lekke band kreeg net voorbij de passage aan de aankomst hier. Daar lagen veel stenen. Ik haalde zowel mijn voor- als achterband open. Ik voelde meteen dat het niet juist zat en dat ik helemaal lek kwam te staan. Ik probeerde vandaag een uur vol de focus te behouden, om niet ten val te komen.’
‘Dat heeft mijn tempo gebroken omdat het nog best lang was tot aan de materiaalpost. Het is niet zo dat ik begon te panikeren. Het heeft enkel wat krachten en tijd gekost.’
‘Op dit parcours ben je nooit zegezeker. Het was echt wel verraderlijk aan het worden. Ik heb tegen mezelf gezegd dat ik moest blijven focussen, zeker op het laatste deel van het parcours waar Nys viel. Daar was het echt spekglad op het einde. Daarom ben ik gefocust gebleven tot aan de aankomst.’
‘Ik scoor nu negen op negen. Beter kan niet. Uiteraard win ik het liefst maar ik weet ook dat die zegereeks ooit gaat stoppen. Alles is vergankelijk en dat is voor mij ook het geval. Hoe ouder ik word, hoe meer ik hiervan geniet.’
’Ik noem dit allemaal niet vanzelfsprekend. Ik blijf hard werken en hopelijk volgen er nog veel overwinningen. Ik ben blij over hoe het gegaan is tot nu toe en kijk er naar uit om in Spanje wat duurtraining te doen.’
‘De kans dat ik deelneem aan de Wereldbekerwedstrijd in Benidorm is nog steeds heel klein. Ik heb dat trouwens voor aanvang van het seizoen al aangegeven. Zoals het er nu naar uitziet zal ik er niet aan de start verschijnen.’
‘Maasmechelen en Hoogerheide doe ik wel. Het kan nog dat ik de Wereldbeker win. Ik sta nu immers aan de leiding. Indien ik Benidorm zou rijden zou de kans nog iets groter zijn maar de Wereldbeker was en is nog steeds geen doel. Anders was ik ook in Dendermonde gestart.’
‘Ik neem volgende week ook niet deel aan het Nederlands kampioenschap. De periode die nu volgt is voor mij net iets te belangrijk richting voorjaar. Het wordt tijd om opnieuw lange trainingen te doen. Die heb ik echt wel nodig.’
‘Morgen vertrek ik naar Spanje tot aan de cross in Maasmechelen. Dat is een redelijk lange periode die ik zeker kan gebruiken. Of ik blij ben dat ik even afstand kan nemen? Ik ben vooral blij dat ik even zal kunnen trainen zonder al die drukte om me heen.’
‘Ik ga enkel op de weg rijden en vooral uren maken. Ik ben zeker tevreden met hoe het momenteel is maar kan me nog verbeteren richting het WK.’
‘Ik ben zeker nog niet top. Vorig jaar was ik beter maar ik kan ook niet klagen. Anderzijds kan ik nu in betere omstandigheden naar Spanje vertrekken. Vorig jaar had ik die gebroken rib.’
Zondag staan de nationale kampioenschappen op het programma. Het BK wordt gereden in Beringen. De tiende van in totaal twaalf wereldbekermanches volgt op zondag 18 januari in Benidorm. Nadien volgen nog crossen in Maasmechelen (zaterdag 24 januari) en Hoogerheide (zondag 25 januari). (EM / Foto’s RV)





