Van der Poel: ‘Hoe kunnen anderen zo snel herstellen?’ Van Aert: ‘UAE en Alpecin reden samen’

MUR-DE-BRETAGNE – Tadej Pogacar heeft de zevende etappe in de Ronde van Frankrijk op zijn naam geschreven. Hij was de beste na een rit over 197 kilometer met start in Saint-Malo en aankomst op de Mûr-de-Bretagne. De Sloveense wereldkampioen neemt ook opnieuw het geel over van  Mathieu van der Poel.

Net zoals donderdag was de strijd om de lange vlucht pittig. In het eerste wedstrijduur werd liefst 53,9 kilometer afgewerkt. Onder meer Wout van Aert probeerde het, maar in de ontsnapping zat uiteindelijk geen Belg. De vijf vluchters waren oud-Tourwinnaar Geraint Thomas, Ivan Garcia Cortina, Marco Haller  Alex Baudin en Ewen Costiou.

Soudal Quick-Step kreeg onderweg een tik, door de opgave van Mattia Cattaneo. De Italiaan was in de vierde rit het slachtoffer van een valpartij, waarbij hij stevige schaafwonden opliep. Zijn opgave is een grote aderlating: Evenepoel noemde Cattaneo eerder zijn ‘belangrijkste bodyguard.’

In het peloton voerden de ploegmaats van topfavoriet Pogacar en gele trui Van der Poel de achtervolging aan. De voorsprong van de vluchters was nooit voldoende om te dromen van de ritzege. Thuisrijder Costiou bleek voorin de sterkste, maar na een collectieve versnelling van Visma – Lease a Bike werd hij kort na de eerste van twee beklimmingen van de steile Mûr-de-Bretagne gegrepen.


De afdaling naar de slotbeklimming van de Muur werd ontsierd door een ruime valpartij in de favorietengroep. Klassementsrenners als Joao Almeida – de ploeg vreest voor een polsbreuk -, Enric Mas en Santiago Buitrago waren de grootste slachtoffers. Jack Haig, een ploegmaat van Buitrago, was ook betrokken en kon zijn weg niet verder zetten.

Tim Wellens en Wout van Aert speelden een belangrijke rol in de lead-out voor hun kopmannen Pogacar en Vingegaard naar de voet van de laatste keer Mûr-de-Bretagne. Op de steilste stroken van de klim maakte Remco Evenepoel een prima indruk met veel kopwerk. Echte aanvallen tussen de topfavorieten kwamen er echter niet.

In de slotkilometer ging Ecuadoriaans kampioen Jhonatan Narvaez de sprint inleiden voor zijn kopman Pogacar. De Sloveen maakte dat werk af met een indrukwekkend lange inspanning bergop. Vingegaard geraakte niet uit het wiel en werd tweede in dezelfde tijd. Achter hen kwam een breukje van twee seconden. Door dat kloofje en de boniseconden verliest Evenepoel zo een beetje terrein op het duo Pogacar/Vingegaard.

Een elitegroep begon aan de tweede en laatste beklimming van de Mûr-de-Bretagne die zou beslissen over winst en verlies. Uiteindelijk draaide het uit op een sprint waarin Pogacar de sterkste was voor zijn Deense rivaal Jonas Vingegaard. Onley werd derde op twee seconden.

Van der Poel kon het tempo in de finale niet volgen, werd 22ste  en verspeelde zo het geel. Wout Van Aert finishte als 35ste. Het is voor de 26-jarige Pogacar zijn tweede overwinning in deze Tour. Eerder was hij de beste in de vierde etappe in Rouen.

In het klassement heeft Pogacar 54 seconden voorsprong op Evenepoel, die tweede blijft op 54 seconden. Vauqelin blijft derde op 1’11”, Van der Poel volgt als vijfde op 1’29”.

Van der Poel: ‘Als ik op zo’n aankomst met de besten mee wil gaan, heb ik mijn allerbeste benen nodig. Ik wist op voorhand al dat ik die niet ging hebben.’

‘Bij de eerste passage van de Mûr-de-Bretagne was het nog niet volledig kraken, maar wist ik al dat ze de tweede keer nog harder omhoog zouden gaan rijden. Ik was zelf realistisch genoeg om te weten dat ik na vandaag de trui kwijt zou zijn.’

‘Ik vraag me soms af hoe de rest zo goed herstelt. Ik ben blij dat ik me vooral op de klassiekers kan focussen. Maar ik heb wel enorm genoten van deze laatste dag in de gele trui.’

‘Misschien wel meer dan de eerste dagen, omdat ik hem waarschijnlijk kwijt ging zijn. En om terug te zijn op de Mûr-de-Bretagne?  Dit is wel een unieke plek voor mij.’

‘Ik bekijk de Tour nu verder van dag tot dag maar één ding is zeker: het was al een super-Tour voor mij. Ik ga zeker nog op zoek naar een ritzege in de tweede of derde week.’

‘Ik ben fier dat ik de gele trui heb mogen dragen. Leider zijn in de Tour is niet iedereen gegeven. Best mogelijk dat Pogacar de trui houdt tot in Parijs. Wat hij laat zien is best indrukwekkend.’

Wout Van Aert: ‘Onze bedoeling was om in de vlucht van de dag te geraken maar UAE kreeg steun van Alpecin. Daarom lukte dat voor ons niet. In de finale hebben we geprobeerd om het zwaar te maken.’

‘Een finish zoals deze is sowieso in het voordeel van Pogacar. Om Jonas een kans te geven moet je een zware finale hebben. Het is goed gelukt maar Pogacar bleek toch de sterkste.’

‘Mijn verhaal van vandaag is het verhaal van de eerste week. Het zijn de klassementsmannen die telkens weer strijden voor de overwinning. Dat is mooi om te zien. Ik kan niet meer doen dan mijn steentje proberen bij te dragen.’

‘Ik had een goed gevoel vandaag. Ik heb het na de start onmiddellijk geprobeerd en in de finale heb ik de eerste beklimming goed overleefd. Ik heb mijn ding kunnen doen.’

Na twee pittige heuveletappes wacht de renners morgen een op papier minder zware dag. De etappe is 171,4 kilometer lang en bevat slechts één klimmetje van de vierde categorie. Een uitgelezen kans dus voor de sprinters. Jasper Philipsen is er na een valpartij niet meer bij, dus zullen de ogen gericht zijn op groenetruidrager Jonathan Milan en Tim Merlier, die al een etappe won deze Tour.

Ook zondag, richting Châteauroux, zijn de snelle mannen aan zet. De klassementsrenners krijgen zo na enkele pittige heuvelritten en de tijdrit een relatieve rustperiode. (EM / Foto’s ASO)