Sweeck opnieuw kopman van Crelan-Corendon dat voor 60% bestaat uit Antwerpenaars

BERCHEM – In Berchem werd vanmiddag het veldritteam Crelan-Corendon voorgesteld. Vorig seizoen behaalde de ploeg 65 podiumplaatsen en veertien zeges in TV-crossen.

Kers op de taart was de Belgische titel met Marion Norbert Riberolle. Doel is het komende seizoen die resultaten te evenaren. Met hoofdsponsor Crelan werd de samenwerking alvast verlengd tot eind 2027.

Het mannenteam bestaat uit dezelfde vijf renners als vorig seizoen met Laurens Sweeck uit Schriek als kopman. Verder nog twee Antwerpenaren: Toon Vandebosch  uit Malle en Witse Meeussen uit Vlimmeren naast Joran Wyseure en Emiel Verstrynghe. Sanne Laurijssen uit Zoersel is nieuw in het vrouwenteam.  Zij is eerstejaarsbelofte en kwam naar Crelan-Corendon dankzij de samenwerking die de ploeg heeft met WAC Hoboken.

Laurens Sweeck: ‘De overwinning in Diegem was wellicht mijn mooiste. Wanneer je naar de zegestand kijkt is er maar één renner die beter heeft gedaan en dat is uiteraard Mathieu van der Poel. Hij won acht crossen. Van de renners die erbij waren vanaf het begin van het seizoen tot aan het einde ervan won ik dus het meest.’

‘Daarom mag ik concluderen dat het een goed seizoen geweest is. Ik hoop dat ik dat kan evenaren. Twee jaar geleden was het net iets minder. Toen bleven de overwinningen uit. De mensen rondom mij waren dat niet meer gewend. Ikzelf eigenlijk ook niet. Het is goed geweest dat ik er nadien een goed seizoen aan heb kunnen breien zodat die slechte ervaring snel vergeten was.’

‘Natuurlijk kan het altijd beter. Maar we moeten realistisch zijn. Er zijn veel jonge mannen die stappen vooruit aan het zetten zijn. Een aantal van hen rijden bij ons in de ploeg. Dus laat ons beginnen om ervoor te zorgen dat we even goed doen als vorig jaar.’

‘Mijn tweede plaats op het BK, na Thibau Nys, deed het meeste pijn. Het was een omloop waar ik kans maakte. Dit jaar – in Beringen – zal het moeilijker worden voor mij al weet je het nooit. Zo’n kampioenschap met tien-vijftien seconden uit handen geven is altijd pijnlijk.’

‘Op zondag 12 oktober rij ik het WK gravel in Nederland. Ik zie dat gewoon als een opwarmertje. De cross en de gravel liggen, qua inspanningen, ver uit elkaar. We hebben de laatste weken meer getraind richting cross natuurlijk. Het WK is dichtbij huis. Daarom neem ik deel.’

‘Ik kijk met gemengde gevoelens terug op mijn zomerseizoen. In het verleden heb ik me in die periode weleens kunnen laten zien. Deze zomer is dat niet echt gelukt. In die zin was het niet echt succesvol. De afgelopen weken had ik wel de indruk dat het beter begon te bollen. Mijn laatste wedstrijd was de GP Rik Van Looy in Herentals.’

‘Nadien ben ik op stage geweest naar Mallorca en dan werd het tijd om de crossfiets vanonder het stof  te halen. Ik probeer zo constant mogelijk te presteren. Als ik moet kiezen tussen altijd vijfde zijn of zeven overwinningen en soms wat mindere resultaten dan kies ik uiteraard voor die overwinningen. Ik ga voor alle klassementen. In de loop van het seizoen zie ik dan wel of ik ze allemaal ga blijven combineren al heeft de Superprestige wel mijn voorkeur.’

‘De mooiste periode voor mij situeert zich rond 20 december.  Dan heb je Antwerpen, Koksijde, Hofstade en Zolder. Dat zijn vier crossen die mij liggen. Alleen is het jammer dat die allemaal na elkaar worden gereden, op vier dagen tijd. Maar dan hoop ik er in ieder geval te staan.’

‘IK BEN EINDE CONTRACT DUS VOOR MIJ WORDT HET EEN BELANGRIJK SEIZOEN’

Toon Vandebosch: ‘Een maand voor het vorige crossseizoen startte zijn er verschillende zaken fout gelopen. Wanneer je ziek aan het seizoen moet beginnen is het moeilijk om je te verbeteren. Elk  weekend is er wel een cross dus bijtrainen is erg moeilijk. Dan beland je in een soort van vicieuze cirkel.’

‘Mijn seizoen was gewoon niet goed. Alleen de laatste maand had ik het gevoel dat ik er een beetje doorkwam. Toen volgden er ook betere prestaties maar het gebeurde allemaal vrij laat. In Oostmalle werd ik derde. In Lille had ik knieproblemen. Maar dat was wel een wedstrijd waar meer inzat.’

‘Deze zomer slaagde ik er zelfs in om één keer te winnen: in de GP de la Ville de Pérenchies. Op de weg is dat niet altijd evident. Ik ben iemand die heel allround is. Maar het moet wel een zware wedstrijd zijn want echt snel ben ik niet. We gingen met vijf naar de finish en ik heb het kunnen afmaken.’

‘De eerste crosstrainingen voelden redelijk goed aan. Ik heb alles gedaan wat gepland was. Ik kijk met veel vertrouwen naar het nieuwe seizoen uit. Ik ben 26. Dat is de leeftijd waarop je op je sterkst moet zijn. Ik droom van mooie resultaten en ben heel zeker dat die er ook inzitten. Ik ben einde contract dus voor mij wordt het een heel belangrijk seizoen. Bij de ene renner is dat een stimulans, bij de andere werkt het averechts maar ik heb er in ieder geval een goed oog in.’

‘IK HEB MIJN CONTRACT MET TWEE JAAR KUNNEN VERLENGEN’

Witse Meeusen: ‘Ik reed ook mee in die wedstrijd die Toon won. We zaten met drie man voorop van onze ploeg. Hij was de eerste die aanging dus heb ik maar afgestopt. Jammer dat we geen foto hebben van de finish want er was nog wat twijfel over wie won. Toon gooide zijn handen wat  vroeg in de lucht, waarna er links nog een renner opdaagde. Maar uiteindelijk won hij wel met een half wiel verschil.’

‘Vorig seizoen heb ik – voor de wedstrijd in Zolder – weinig of geen problemen gehad. Daarvoor heb ik twee jaar gesukkeld met mijn knie en  dan krijg je al vlug de stempel dat je snel blessures hebt. Vorig seizoen brak ik dan wel mijn sleutelbeen in Namen. Mijn seizoenbegin kon beter. Ik had wat pech en gezondheidsproblemen.’

‘Na een stage met de ploeg in december merkte ik dat ik er doorkwam. In Namen liep het heel goed tot ik een kleine fout maakte met grote gevolgen voor de rest van het seizoen. Ondertussen heb ik mijn contract voor twee jaar kunnen verlengen. Dat is leuk. Ik heb al drie crossen gereden en twee ervan heb ik gewonnen.’

‘Ik moet  toegeven dat het wedstrijden waren met een iets minder sterk deelnemersveld. Ik stond er wel met stress aan de start omdat ik wist dat ik kon winnen. Dan is het genieten wanneer het lukt. Wanneer je bij de jeugd gewoon bent om te winnen en je komt dan bij de elite, dan verleer je dat snel. En dan moet je  leren om voor een vijfde of zesde plaats te rijden op eenzelfde als waarop je voor de zege rijdt.’

Edwin MARIËN

Foto’s Crelan-Corendon