Kaden Groves imponeert in voorlaatste etappe van de Tour (en rijdt donderdag in Herentals)
PONTARLIER – Kaden Groves is veel meer dan een sprinter. Dat heeft hij al vaker bewezen in zijn carrière maar nog nooit eerder in de Tour de France. De Australische renner, die al zeven etappes won in La Vuelta en twee in de Giro d’Italia, kwam dit jaar voor het eerst naar de Franse Grand Tour en werd de vervanger van Jasper Philipsen, die op dag drie uitviel.
Nadat Mathieu van der Poel zich terugtrok door ziekte aan het begin van week drie, werd Groves zelfs kopman. Hij toonde vandaag zijn veelzijdigheid in een etappe die gekenmerkt werd door agressief racen van Santa naar Pontarlier, waar hij zijn eerste Tour-etappezege pakte. Hij maakte deel uit van een kopgroep van dertien en legde de laatste zestien kilometer solo af om de overwinning te pakken voor Frank van den Broek en Pascal Eenkhoorn. Hij is de 114de renner die etappes wint in alle drie de Grote Rondes. Tadej Pogacar leidt het algemeen klassement met het oog op de laatste etappe morgen in Parijs.
Het is voor Alpecin-Deceuninck de derde ritzege in deze Tour. Eerder won de Belgische formatie ook de eerste twee etappes met speerpunten Jasper Philipsen en Mathieu van der Poel, die intussen allebei de wedstrijd moesten verlaten. Voor Groves is het zijn 21ste profzege. Eerder dit jaar won hij ook al een etappe in de Giro.
Leider Tadej Pogacar beleefde een rustige dag in de buik van het peloton. De Sloveen pakt zonder ongelukken morgen zijn vierde eindoverwinning in de Tour. In de top tien van het klassement kwam er vandaag slechts één wijziging: de Franse vluchter Jordan Jegat ging naar de tiende plek, ten koste van Ben O’Connor.
Omdat zoveel renners kansen zagen op de ritwinst, kreeg de voorlaatste etappe een razendsnel begin. Voorin was er bijzonder veel strijd om een vroege vlucht op te zetten, achterin het peloton stond op het heuvelachtige traject de deur wagenwijd open. Arnaud De Lie kende duidelijk een rotdag, moest als allereerste lossen, maar kon na lang achtervolgen aansluiten bij de bus met de andere sprinters.
Veel Belgen waren actief. Wout van Aert, Thibau Nys en Tim Wellens deden verschillende pogingen om in de vlucht van de dag terecht te komen. Belgisch kampioen Wellens slaagde daar ook in. Hij zat in de juiste kopgroep van dertien renners, met onder meer ook Groves, Matteo Jorgenson, Romain Grégoire en Jegat. Brent Van Moer slaagde er niet meer in de oversteek te maken.
De Côte de Thésy, een helling van tweede categorie op 60 kilometer van de streep, was de taaiste kuitenbijter op het parcours. Na de top reed Harry Sweeny voor de twaalf andere vluchters uit. Terwijl de Australiër bijna een minuut voorsprong nam, spatte de achtervolgende groep uit elkaar. Wellens en Jorgenson gingen elkaar daarbij zo hard schaduwen dat ze op achterstand kwamen. Ze maakten nadien nooit meer kans op ritwinst.
In de uitgeregende finale werd Sweeny 26 kilometer voor de finish bijgehaald op de laatste helling van de dag. In de afdaling daarvan werd de kopgroep opgeschrikt door een valpartij in een spekgladde bocht. Spaans kampioen Ivan Romeo viel zwaar, ook streekrenner Grégoire sloeg tegen de grond. Groves, Frank van den Broek en Jake Stewart kwamen zo met drie aan de leiding, maar zestien kilometer voor de aankomst ging Groves alleen naar de kop. Hij hield stand tot de finish.
In het peloton, dat finishte op ruim zeven minuten, werd nog gesprint voor de ereplaatsen. In het gedrum daarvoor kwam er nog een valpartij van verschillende renners. Daarbij werden vooral de Fransen Damien Touzé en Clément Venturini geraakt.
Pogacar staat zonder ongelukken niet alleen op de vooravond van zijn vierde eindzege, maar is intussen ook mathematisch zeker van eindwinst in het bergklassement. Jonathan Milan kan niet meer bijgehaald worden in het puntenklassement. De Sloveen en de Italiaan moeten morgen enkel nog de finish halen om respectievelijk de bolletjestrui en de groene trui mee naar huis te mogen nemen.
De drie na-Tour-criteriums, die volgende week in dit land worden georganiseerd, moeten het doen met een nationaal deelnemersveld. Alleen Herentals slaagde erin om een buitenlandse vedette vast te leggen. Laat dat dan toevallig Kaden Groves zijn.
Uiteraard zijn ze daar in de wolken. ‘De ambitie van ons Heylen Vastgoed na-Tourcriterium in Herentals is altijd om een aantal verdienstelijke buitenlanders te koppelen aan Belgische toppers én tegelijkertijd ook onze regionale focus niet te vergeten. In die context wilden we ook iemand van Alpecin-Deceuninck aan de start. We kunnen niet fier genoeg zijn dat wij in Herentals, dankzij de broers Christoph en Philip Roodhooft, een UCI-Worldteam hebben, het hoogste niveau in het professioneel wegwielrennen. Dat team is al jaren één van de meest succesvolle uit het peloton. Toen bleek dat de 26-jarige Australiër Kaden Groves beschikbaar was, hebben we daarom meteen toegehapt.’
Over Herentals gesproken: Wout Van Aert finishte vandaag als 31ste op 7’04” en staat in de klassering 67ste op 3u34’06”. In het eerste deel van de koers had ik niet de benen die ik hoopte. Ik heb geprobeerd, maar ik had niet de versnelling om mee te zitten. We zaten niet ver achter op de steile klim en dan wist ik dat de koers opnieuw zou ontploffen. Ik ben meegeschoven met een mooie groep, maar we zaten te rijden in niemandsland want er waren meer renners met een ploegmaat voorin dan renners die de sprong wilden maken.’
‘Ik ga het morgen nog eens graag proberen. Ik ben veel meer gemotiveerd dan voorheen. Ik heb me af en toe in een massasprint gemengd. Dat ging een keer met succes, maar anders waren dat telkens makkelijke sprints. Nu is het met Montmartre eerder een klassiek gegeven, al zal het een korte, explosieve koers worden. Maar het is iets dat me ligt.’
Ik hoop dat Pogacar zich niet mengt – al is dat uit persoonlijke redenen. Om eerlijk te zijn ziet hij er niet heel gemotiveerd meer uit. Al zal veel van het weer afhangen.’
Morgen eindigt de Tour inderdaad met een rit van 132,3 kilometer tussen startplaats Mantes-la-Ville en de gekende finish op de Champs-Élysées in Parijs. Het traditionele criterium door de straten van de Franse hoofdstad werd dit jaar vervangen door een pittige finale, met drie lokale ronden met daarbij telkens de klim naar Montmartre (1,1 kilometer aan 5,9 procent), bekend van de olympische wegrit van vorig jaar. De top van de laatste beklimming ligt op amper ze kilometer van de streep. (EM / Foto’s ASO)






